1. De in artikel 89 bedoelde functionarissen zijn bevoegd inlichtingen te vragen die zij voor de vervulling van hun taak nodig achten. 2. Degenen die een beroep uitoefenen of in een bedrijf werkzaam zijn, zijn verplicht de hun in die hoedanigheid gevraagde inlichtingen volledig en naar waarheid te verstrekken. 3. Degenen die uit hoofde van hun beroep of ambt tot geheimhouding verplicht zijn, kunnen zich verschonen van het verschaffen van inlichtingen, doch uitsluitend voor zover het betreft hetgeen hun in die hoedanigheid is toevertrouwd. Artikel 91 INZAGE BOEKEN 1. De in artikel 89 bedoelde functionarissen zijn bevoegd: a. kennisneming te vorderen van boeken en andere zakelijke bescheiden en van gegevens die langs geautomatiseerde weg worden verwerkt, voor zover dat redelijkerwijs nodig is voor de vervulling van hun taak; b. voor korte tijd afgifte van bescheiden en gegevens te vorderen, dan wel vastlegging en afgifte van de vastlegging voor het maken van afschriften te vorderen. 2. Degenen die gehouden zijn te beschikken over bescheiden en gegevens als bedoeld in lid 1 van dit artikel, kunnen zich niet beroepen op de afwezigheid ervan, tenzij zij kunnen aantonen dat zij er niet over kunnen beschikken. 3. Degenen die uit hoofde van hun beroep of ambt tot geheimhouding verplicht zijn, kunnen zich verschonen van het bieden van kennisneming doch uitsluitend voor zover het betreft hetgeen hun in die hoedanigheid is toevertrouwd. Artikel 92 TOEGANG LOCATIES 1. De in artikel 89 bedoelde functionarissen hebben toegang tot elke plaats, niet zijnde een woning, voor zover dat redelijkerwijs nodig is voor de vervulling van hun taak, waarbij zij zich zonodig toegang verschaffen met behulp van de sterke arm. 2. De in artikel 89 bedoelde functionarissen zijn bevoegd zich te doen vergezellen van door hen aangewezen personen. Artikel 93 TOEGANG TOT WONINGEN 1. De in artikel 89 bedoelde functionarissen hebben toegang tot woningen en tot woning dienende gedeelten van vaartuigen waarin, naar zij redelijkerwijs kunnen veronderstellen, handelingen worden verricht waarop het bij en krachtens deze wet bepaalde van toepassing is, voor zover het binnentreden redelijkerwijs nodig is voor de vervulling van hun taak. 40

Select target paragraph3

Connect to a paragraph
Connect to an entity
Disable highlights
Add to table of contents