1. Elke concessiehouder is voor schade aan derden, als gevolg van het niet of niet goed functioneren van de telecommunicatie-infrastructuur en van tekortkomingen bij de uitvoering van de door hem geleverde diensten en van de zorg voor vaste verbindingen, slechts aansprakelijk, indien het schade betreft : a. resulterend in dood of lichamelijk letsel; b. door het handelen in strijd met de artikelen 435, 438, 439 en 440 van het Wetboek van Strafrecht; c. door het niet of onjuist verstrekken, het onzorgvuldig beheren of verwerken van gegevens betreffende gebruikers van de bedoelde diensten dan wel door fouten in administratieve verrichtingen samenhangend met die gegevens. 2. Bij staatsbesluit worden bedragen voor aansprakelijkheid, bedoeld in lid 1 van dit artikel, vastgesteld die niet overschreden mogen worden; de hoogte van de bedragen kan verschillend zijn voor onder meer de aard van de gebeurtenis en de aard van de door de concessiehouder geleverde diensten. 3. Een concessiehouder kan zich niet beroepen op een uit de leden 1 en 2 van dit artikel voortvloeiende uitsluiting of beperking van zijn aansprakelijkheid, voor zover de schade is ontstaan uit zijn eigen handelen of nalaten, hetzij met de opzet die schade te veroorzaken, hetzij roekeloos en met de wetenschap dat die schade er waarschijnlijk uit zou voortvloeien. Artikel 39 AANSPRAKELIJKHEID INTERNATIONAAL TELECOMMUNICATIEVERKEER Terzake de verzorging van het internationale telecommunicatieverkeer is een concessiehouder slechts aansprakelijk overeenkomstig de bepalingen van het ITUverdrag, alsmede van andere bindende verdragen die Suriname gesloten heeft, of besluiten van volkenrechtelijke organisaties welke betrekking hebben op het internationale telecommunicatieverkeer. HOOFDSTUK 4 UNIVERSELE DIENSTVERLENING Artikel 40 1. In het algemeen maatschappelijk belang worden bij staatsbesluit openbare telecommunicatiediensten of daarmee samenhangende voorzieningen aangewezen die voor een ieder tegen een betaalbare prijs en van een bepaalde kwaliteit beschikbaar moeten zijn. 2. In het algemeen maatschappelijk belang worden bij of krachtens staatsbesluit regels vastgesteld over de hoogte van de in lid 1 van dit artikel bedoelde prijs en over het vereiste kwaliteitsniveau; bij de hoogte van de prijs kan onderscheid worden gemaakt tussen groepen gebruikers. 3. Ter ondersteuning en begeleiding van de nationale Informatie, Communicatie en Technologische ontwikkeling zal bij Staatsbesluit een nationaal Informatie, 17

Select target paragraph3

Connect to a paragraph
Connect to an entity
Disable highlights
Add to table of contents