42 | Nederlandse Cybersecuritystrategie 2022-2028 Burgers reageren snel en adequaat op cyberincidenten Het is van belang dat burgers in staat gesteld worden om snel en effectief te reageren op digitale dreigingen, aanvallen en verstoringen. Dat kan door vroegtijdig geïnformeerd te worden over voor hen relevante actuele dreigingen en met name over wat zij zelf kunnen doen om hiervoor veilig te blijven. De komende jaren wordt ingezet op het sneller en kwalitatief beter informeren van burgers. Het is belangrijk dat het duidelijk is waar burgers deze informatie kunnen vinden en dat zij ook geïnformeerd worden over hun handelingsperspectief. Burgers moeten daarnaast in de toekomst laagdrempelig en eenvoudig melding of aangifte kunnen doen van cyberincidenten, zoals phishing. Dit leidt tot de volgende subdoelen: • Burgers krijgen snel adequate informatie over (acute) cyberincidenten en hoe hierop te reageren. • Burgers kunnen eenvoudig melding of aangifte doen van cyberincidenten. Leerlingen krijgen onderwijs in digitale vaardigheden gericht op veiligheid Doelen | 43 Dit leidt tot de volgende subdoelen: • Digitale vaardigheden gericht op veiligheid zijn onderdeel van het landelijk curriculum in het primair en voortgezet onderwijs. • Docenten in het primair en voortgezet onderwijs kunnen (met hulp van anderen) goed onderwijs bieden in digitale vaardigheden gericht op veiligheid. De Nederlandse arbeidsmarkt kan voldoen aan de toenemende vraag naar cybersecurity-experts Om de toenemende vraag naar cybersecurityexpertise het hoofd te bieden moet worden ingezet op voldoende specialisten op de arbeidsmarkt. Publiekprivate samenwerking is hiervoor essentieel. Om te zorgen voor een beter aanbod moet helder zijn waar het tekort precies zit en welk aanbod er nodig is om dit op te lossen. Welke mechanismen zijn er bijvoorbeeld om cybersecurityexpertise op de arbeidsmarkt te bevorderen en effectief in te zetten? Er kan bijvoorbeeld worden aangesloten bij het aanvalsplan voor de techniek, gericht op onder andere de digitale transitie.44 Dit leidt tot de volgende subdoelen: Het is belangrijk dat kinderen vroeg leren om te gaan met de digitale wereld en het herkennen van de daarbij behorende risico’s. Het is van belang dat leerlingen veilig onlinegedrag aanleren. Digitale vaardigheden, waaronder bewustwording van cyberrisico’s en veiligheid, zijn op dit moment geen onderdeel van het landelijk curriculum voor basis- en voortgezet onderwijs. Om leerlingen digitaal vaardig te maken, moeten ook docenten hier vaardig in zijn en hier goed les in kunnen geven. Het is belangrijk dat scholen hierin passende ondersteuning kunnen krijgen. • Er is zicht op de tekorten op de cybersecurityarbeidsmarkt en hoe deze het hoofd te bieden. • Er zijn meer mbo-, hbo- en wo-cybersecurityopleidingsplekken die aansluiten op de arbeidsmarkt, mede door een bijdrage van bedrijven en kennisinstellingen. • Organisaties bieden bij- en omscholingsprogramma's voor cybersecurity-expertise aan. Acties met prioriteit pijler IV Onderstaande acties geven de prioriteiten voor de lopende kabinetsperiode weer waarmee het kabinet invulling geeft aan de doelstellingen uit deze pijler. Een uitgebreid overzicht van acties wordt weergegeven in de bijlage. Dat actieplan wordt jaarlijks geactualiseerd en geeft inzicht in de onderliggende acties, verwachte doorlooptijd en verantwoordelijken. A. Bewustzijn van cyberrisico’s onder burgers vergroten • De risico’s van digitale kwetsbaarheden en dreiging moeten zoveel als mogelijk worden gedragen door de ontwikkelaars en aanbieders van digitale-producten en –diensten. Er zal echter bijna altijd een restrisico blijven waardoor de burger of MKB ook zelf maatregelen moet nemen. Om deze maatregelen te kunnen nemen moeten burgers en MKB zich allereerst bewust zijn van de risico’s en de te nemen maatregelen. Een belangrijk instrument dat het kabinet hiertoe inzet zijn verschillende doelgroep specifieke voorlichtingscampagneprogramma cyberveiligheid gericht op de cybersecurity basismaatregelen. • Het kabinet versterkt daarnaast de Informatiepunten Digitale Overheid. Deze worden gefaciliteerd om hulpvragen van burgers op het terrein van cyberveiligheid te beantwoorden en waar nodig door te verwijzen naar steunpunten, informatieloketten en lokale ondersteuningsinitiatieven van private partners. B. Digitale weerbaarheid wordt onderdeel van het curriculum • Kinderen moeten vanaf jonge leeftijd veilig leren omgaan met digitale producten en diensten. Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO) heeft de opdracht gekregen om samen met het onderwijsveld concrete kerndoelen voor zowel het PO als het VO voor de basisvaardigheden te ontwikkelen waar digitale veiligheid deel van uit moet maken. De aangescherpte kerndoelen voor het PO & VO in een wetsvoorstel aan de Tweede Kamer voorgelegd. • Het ‘masterplan basisvaardigheden’ wordt opgezet dat er voor moet zorgen dat de leraar goed toegerust is om het beste onderwijs te geven in taal, rekenen/wiskunde, burgerschap en digitale geletterdheid. C. Aandacht voor cybersecurity op de arbeidsmarkt • Het kabinet werkt samen met onderwijsinstellingen aan bij- en omscholingsprogramma’s om de cybersecurity-expertise van werknemers te vergroten. Daartoe werken zij samen met het bedrijfsleven en andere relevante partijen. Hierbij worden onder andere knelpunten en beperkingen in die samenwerking voortvloeiend uit regelgeving geïnventariseerd en bezien welke oplossingen daarvoor nodig zijn. • Het kabinet investeert in hbo-opleidingen in de bètatechniek, waar cyber security opleidingen ook onderdeel van zijn. Middelen worden ingezet op (1) hogere instroom binnen de opleiding, (2) lagere uitval en switch, (3) hogere zijinstroom, (4) inductie/warme overgang van opleiding naar arbeidsmarkt.

Select target paragraph3

Connect to a paragraph
Connect to an entity
Disable highlights
Add to table of contents